De vele gezichten van Congo - Kinshasa

Nog drie weken is er in Wiels de tentoonstelling Urban Now: City Life in Congo te zien, een absolute aanrader om deze zomer te bezoeken. Het is niet voor het eerst dat er werken over Congo in Wiels te zien zijn: kunstenaars als Vincent Meessen, Sven Augustijnen en ook Renzo Martens tonen Congo in hun werk. Het is wel een primeur om Congo te zien vanuit het perspectief van een kunstenaar die daar is opgegroeid: Sammy Baloji. Samen met antropoloog Filip de Boeck creëerde hij deze tentoonstelling die zich concentreert op Kinshasa en de wijze waarop mensen in de hoofdstad samenleven.

Kijken met liefde

Sammy Baloji is fotograaf en tevens heeft hij videoclips gemaakt. Hoewel het niet onder stoelen of banken wordt geschoven dat Kinshasa problemen kent, benadert de kunstenaar de stad in deze tentoonstelling vooral met een liefdevolle blik die de toeschouwer probeert te wijzen op de niet direct zichtbare aspecten van een hoofdstad en cultuur die de afgelopen eeuwen turbulente veranderingen heeft doorgemaakt.
Deze liefdevolle blikt toont ons hoe op het eerste gezicht uitzichtloze situaties creatief omgevormd kunnen worden tot nieuwe hoopvolle situaties, hoe de betekenis van de stad en het landschap continu in beweging is waardoor sommige mensen hun woonplaats moeten verlaten om plaats te maken, en tenslotte hoe de eeuwenoude tradities hun eigen plaats vinden te midden van de nieuwe tradities die het kolonialisme met zich meebracht. Ondanks deze serieuze thematiek blijft de tentoonstelling licht en in sommige gevallen humoristisch, alsof de fotograaf zichzelf verwondert over de situaties die hij aantreft en documenteert.

De vele gezichten van Kinshasa

Sammy Baloji, Boulevard Lumumba, Municipality of Kimbanseke, Kinshasa, 2013

De tentoonstelling bestaat uit verschillende groepen werken, die allen hun licht laten schijnen op specifieke plaatsen in Kinshasa. Zoals de introductie bij de tentoonstelling aangeeft, heeft niet alleen de komst van het kolonialisme maar ook het vertrek van de kolonisten veel impact gehad op de ontwikkeling van de stad als een plaats om samen te leven: De komst van de kolonisten kan niet ongedaan worden gemaakt door hun vertrek. De foto’s aan het begin van de tentoonstelling tonen hoe reclame borden zich als vervreemde utopieën in de stad bevinden; de situaties op de reclame borden tonen idealen die niet corresponderen met de werkelijke situatie in de stad, die direct zichtbaar is om de reclame borden heen. Tegelijkertijd lijken de reclamebeelden te zeggen dat het idealen zijn die nagestreefd willen worden, en dus verbonden lijken te zijn aan een gedeelde collectieve waarde.

Sammy Baloji, Echangeur, Municipality of Limete, 2013

Ook de architectuur die werd achtergelaten door de kolonisten vindt een nieuwe betekenis. Het promotiefilmpje uit Dubai van de bouw van het eiland Le Cité du Fleuve in Kinshasa toont ons een luxueus beeld van de stad dat niet overeenstemt met de nieuwsbeelden waaraan we zo gewend zijn geraakt. Desalniettemin vertegenwoordigt ook dit filmpje Kinshasa, alhoewel afgevraagd kan worden of het ooit werkelijkheid zal zijn. Wat de foto’s met de reclameborden en dit promotiefilmpje in ieder geval wel tonen is hoe documentaire beelden betekenis verkrijgen in relatie tot de context waarin ze worden getoond, en niet een vaste betekenis of interpretatie kennen. Kinshasa kent inderdaad vele gezichten.

Ik vermoed dat de traditie van de landchefs waarschijnlijk niet de enige traditie is die een plek heeft gekregen in de nieuwe wereld.

Zaal twee: landchefs

De fotoserie van de landchefs in de tweede zaal toont dan weer een eeuwenoude traditie die door de kolonisten wellicht niet is gekoesterd maar die nog wel op zijn eigen manier bestaat. De landchefs hebben de zeggenschap over bepaalde stukken land en deze zeggenschap wordt van generatie op generatie doorgegeven.

De fotocamera toont de landschefs ieder met hun eigen attributen die hun legitimiteit tonen en de positie van de camera benadert de landchefs op gelijkwaardig en eerbiedig niveau, zonder dat teveel te forceren. Hierdoor lijkt de camera de toeschouwer voorzichtig te willen wijzen op dit overblijfsel van een eeuwenoude cultuur, ons de schoonheid ervan te willen tonen en een oprechte nieuwsgierigheid te willen opwekken in plaats van actie te verwachten van de toeschouwer of de toeschouwer richting een interpretatie te duwen. Geen ‘poverty porn’, maar een blik die suggereert hoe het leven door andere mensen wordt ingevuld.
Terwijl ik naar de landchefs op de foto’s kijk ontvouwt zich bij mij de realisatie dat bij de aankomst van Stanley reeds een ontwikkelde beschaving aanwezig was waarvan veel aspecten door het kolonialisme ten dele zijn verdwenen, niet zijn (h)erkend en gekoesterd en ook niet als zodanig bekend zijn in België. Tegelijkertijd tonen de portretten dat deze traditie niet verdwenen is, alhoewel het een nieuw jasje heeft gekregen. Ik vermoed dat de traditie van de landchefs waarschijnlijk niet de enige traditie is die een plek heeft gekregen in de nieuwe wereld.

Filmstill uit Sammy Baloji, Fungurume/Pungulume video, 2016

Eén van deze landschefs is ook te zien in het nieuwe videowerk Fungurume/Pungulume. Het is bijzonder om te zien hoe Baloji erin slaagt om een serieus onderwerp, namelijk de gevolgen van de kolonisatie, op lichte en zelfs humoristische wijze te tonen en de mensen in de film een oprecht podium te bieden om hun verhaal te vertellen. Opnieuw wordt er geen oordeel geveld, er wordt geen mening opgedrongen of iets van de toeschouwer verwacht. Eén van de gefilmde mannen zegt een lange lijst op van de voorgangers van de huidige landchef, en wanneer hij aan het einde concludeert dat hij de titel ‘Mpala’ vergeten is begint hij weer opnieuw, wat meerdere toeschouwers aan het lachen maakt. Alhoewel het betreffende land inmiddels ter deel is gevallen aan de mijnenindustrie, is deze traditie nog steeds niet verbroken; in plaats daarvan krijgt ze een plaats in de nieuwe wereld. De landchef draagt geen lokale kleding, maar wel glimmende schoenen.

Het videowerk toont hoe het oude en het nieuwe naast elkaar een plek vinden en een nieuwe cultuur vormen. De beschrijving van de mythe van Fungurume, het landschap en de geschiedenis van de voorouders wordt geconfronteerd met beelden van de graafmachines die nu op diezelfde plek aan het graven zijn. Ik merk op dat de beschrijving van de geschiedenis van deze plek niet correspondeert met de beelden van de graafmachines: Ik vraag me zelfs af of de beschrijving van de landchef wel over hetzelfde landschap gaat? De graafmachines lijken eerder elementen te zijn uit een science-fiction film dan werkelijkheid. Hiermee lijkt Baloji lichtjes te refereren aan de thematiek van de schuldige landschap. De gebeurtenissen die plaatsvonden in dit landschap zijn  bedolven geraakt onder de hedendaagse toestand.

Aan het einde van de tentoonstelling kan ik niet ontkomen aan het gevoel dat deze tentoonstelling een tipje van de sluier heeft opgelicht van een onbekende wereld en cultuur.

De tentoonstelling bevat nog veel andere elementen die betrekking hebben op de dynamiek van de stad, de creativiteit waarmee mogelijkheden worden gevonden om te leven en de mengeling van het oude en het nieuwe. Aan het einde kan ik niet ontkomen aan het gevoel dat deze tentoonstelling een tipje van de sluier heeft opgelicht van een onbekende wereld en cultuur, en kan ik me alleen maar verheugen op toekomstige tentoonstellingen in België waarin de voormalige kolonie Congo op deze lichte en eerbiedige manier getoond wordt.