"Dit is het moment waarop de waarde van kunst duidelijk wordt"

Terwijl ik languit op de bank met een glaasje wijn in de hand de Rode Duivels bejubelde om hun prestatie tegen het Italiaanse nationale elftal, werden honderden schoten gelost in de Parijse concertzaal Bataclan. Volgens een ruwe schatting stierven ruim 100 mensen tijdens het concert van de Amerikaanse band Eagles of Death Metal. Als liefhebster van de hardere muziekgenres, en fervent bezoeksters van optredens, raakt deze aanslag me meer dan alle andere.

Vanochtend word ik wakker met dit afschuwelijke nieuws. Mijn gedrag getuigt van een verlammende angst. Ik kruip achter mijn computer en begin aan de taken die voor vandaag op mijn agenda staan. Maar plots komt een vreselijke gedachte bij me op: al een uur probeer ik de juiste formuleringen te vinden om een kunsttentoonstelling te beschrijven, terwijl ik met een half oog online naar een aflevering van De Canvasconnectie kijk. Een andere angst maakt zich van mij meester. Hoe kan ik hiermee doorgaan terwijl honderden mensen misschien nog niet eens weten of hun kinderen een willekeurig concert, waar ze mogelijk maandenlang naar uitkeken, overleefden? Hoe kan ik gewoon doorgaan met mijn dagelijkse beslommeringen zonder stil te staan bij wat zich enkele uren geleden op enkele kilometers afstand afspeelde? Hoe kan ik mij op dit moment druk maken over zoiets triviaals als ‘kunst’?

Na dit korte paniekmoment volgt al snel een antwoord, waarmee sommigen het misschien oneens zullen zijn, maar waarvan ik alleen maar kan zeggen dat ik in mijn onderbuik weet dat het mijn persoonlijke waarheid is. Kunst is niet triviaal. Of het nu om geëxposeerde beeldende kunst gaat, of om heavy metal – voor alle duidelijkheid: ik maak geen kwalitatief onderscheid! – dit is het moment waarop de waarde van kunst duidelijk wordt.

Elk jaar trekken miljoenen toeristen van over de hele wereld naar Parijs, en elk jaar brengen die miljoenen toeristen een bezoek aan het Louvre, Centre Pompidou, Musée d’Orsay en tientallen andere kunsttempels. Parijs is het Europese Mekka van de kunst. Wou je nu echt beweren dat dat zonder betekenis is? Wou je nu echt beweren dat die miljoenen bezoekers irrelevant en machteloos zijn tegenover enkele extremisten?

Toevallig (of niet?) zie ik in de eerder vernoemde aflevering van De Canvasconnectie een performance van de Antwerps-Nigeriaanse kunstenares Otobong Nkanga. Ze staat in het midden van een groot aantal toeschouwers en spreekt de volgende woorden: “Je staat naast iemand. Er staat iemand achter je. Er staat iemand voor je. Iemand komt hiervandaan en iemand van ergens anders. We komen allemaal van verschillende plekken. We hebben allemaal dromen. We trekken van plek naar plek. We zijn gekwetst en soms stralen we. We zijn soms sterk geweest en soms zwak. Maar we zijn hier allemaal samen. Ik vind dat we op dit moment moeten klappen. Luider! Dit is het moment! Dit is het gouden moment!” Terwijl alle toeschouwers steeds harder klappen en juichen, strooit Nkanga gouden poeder in het rond. Het vieren van het moment waarop je met honderden mensen verbonden wordt door kunst; dat is het moment waarop je allemaal alleen nog maar mensen bent en al de rest irrelevant wordt.

Kunst is wat ons samenbrengt en wat ons doet nadenken. Kunst is er om troost, betekenis en focus te bieden. Iedereen die regelmatig naar kunst kijkt, zal toegeven dat een beeld soms perfect kan tonen wat je al die tijd al voelde, maar niet kon uitspreken. Iedereen heeft weleens tranen in de ogen gekregen bij het horen van een ontroerend muziekstuk of het zien van een mooie film. Mijn hart slaat sneller bij het beluisteren van mijn favoriete muziek. Daarom ga ik vanavond naar een punkrock optreden, waar ik me meer dan ooit met de andere tweehonderd mensen in de zaal, en met de artiesten, verbonden zal voelen in mijn liefde voor muziek, en in de viering van deze verbondenheid, die tot stand gekomen is door kunst. Die verbondenheid, die betekenisvolle viering van de menselijke verbondenheid, is veel sterker dan de angst die me om hart slaat bij het zien van de gruwelbeelden van gisteren.

En terwijl ik dit schrijf en denk aan de strijd die gisteren plaatsvond tussen de automatische wapens van enkele terroristen en de slaande harten van honderden verbonden muziekliefhebbers, komt een vers uit het nummer ‘Bastard Virus’ van John Coffey in me op: “In the event of an ongoing strife between heart and machine, my heart will beat!”